Het ontwaken van het zelf

Zelfwerk 3. Emotionele openheid

Emotionele openheid ontstaat door het vermogen tot oordeelloos waarnemen van je emoties, hoe die ook zijn. Dat is behoorlijk lastig, want het oordelen over emoties zit bij de meeste mensen diep ingebakken in hun gewoontepatronen, en verbonden met allerlei taboes en zogenaamd wenselijk en onwenselijk gedrag.
Emotionele openheid gaat niet over het hebben van de 'juiste' emoties en gevoelens, en ook niet over het vermijden van 'verkeerde'. Integendeel, want er zijn geen goede of verkeerde emoties en gevoelens. Emoties en gevoelens zijn gewoon wat ze zijn. Ze dienen zich ongevraagd aan, net zoals het weer.
Hoe moet je daar dan mee omgaan?
Als je bereid bent en in staat de toestand van je gemoed oordeelloos te bezien, vanuit de positie van de innerlijke getuige, ontsluit zich een innerlijke ruimte, die ervaren kan worden als innerlijke vrijheid. Dan ben je in een andere dimensie van het bestaan aangekomen.
Vanuit die innerlijke vrijheid kun je kiezen of je een emotie of een gevoel wel of niet in de wereld tot uiting brengt, dus deel van je gedrag maakt. Daar gaat het om. Dat is wat te leren valt.
Je kunt bijvoorbeeld verliefd zijn. Dat is niet in zichzelf goed of kwaad.
Je kunt bijvoorbeeld jaloers zijn. Dat is niet in zichzelf goed of kwaad.
Je kunt bijvoorbeeld boos zijn. Dat is niet in zichzelf goed of kwaad.
Het gaat erom dat je die toestand van je gemoed eerst in alle openheid durft waar te nemen en te erkennen, welke die ook zij. Alleen als je zo oordeelloos naar de toestand van je gemoed kunt kijken, ontstaat de vrijheid om te besluiten of je daar wel of niet iets mee doet.
Emotionele openheid betekent dus enerzijds dat je de gesteldheid van je gemoed oordeelloos kunt waarnemen, en anderzijds dat je in vrijheid kunt besluiten of je daar wel of niet naar handelt.
Emotionele openheid is niet het ongeremd uiten van alle emoties, zoals nog wel eens gedacht wordt. De kans is zelfs dat je daardoor een slaaf wordt van elke luim die zich toevalligerwijs aandient.
Geen enkele emotie geeft je ergens recht op. Je kunt dus niet zeggen: ik voel dat zus of zo, dus heb ik hier of daar recht op. Dat heet gewoon dwingelandij.

Er bestaat veel emotionele censuur. Dat betekent dat op bepaalde emoties een taboe berust. Zo'n taboe behoort vaak bij een ideaalbeeld van de mens. Als je 'verlicht' bent zou je bijvoorbeeld geen boosheid meer ervaren. Maar als een emotie om wat voor reden niet erkend wordt, niet respectvol ervaren, en onderdrukt wordt, gaat die emotie onderhuids woekeren. Zo'n verdrongen emotie wordt giftig en steekt voortdurend zijn kop op, vaak zelfs op zeer ongelegen momenten. Als je jaloers bent en je mag van jezelf niet jaloers zijn omdat dat niet past bij het ideaal beeld van jezelf, en je dus die jaloezie ontkent, zal de jaloezie op een giftige manier je relaties blijven verzieken. Maar als je jezelf toestaat jaloers te zijn, en de jaloezie bewust en zonder jezelf te veroordelen waarneemt, kun je in wijsheid een manier zoeken om daar mee om te gaan. Dan erken je de jaloezie als een serieuze raadgever, en daar zul je geen prolemen van ondervinden.
Er is ook emotionele dwang. Ook die hoort bij een ideaalbeeld van de mens. Als je een ‘christen’ bent zou je bijvoorbeeld alleen nog maar liefde behoren te ervaren. Je kunt dan op een verplichte manier almaar liefdevol doen. Maar dat is geen liefde. Dat is doen alsof. En ook doen alsof kan giftig worden, omdat in intermenselijke relaties waarin op een onechte manier lief gedaan wordt, de echte gevoelens de echte relatie vroeg of laat bruut zullen ontmaskeren.
Wat echt is zal voortdurend het onechte verstoren, omdat het aandacht vraagt, vraagt respectvol erkend te worden.
Spirituele groei betekent dus niet het aanleren van de juiste emoties en het afleren van de onjuiste. Want er zijn geen juiste en onjuiste emoties. Spirituele groei houdt wat emoties betreft in dat je leert er vanuit je innerlijke plaats van rust er in vrijheid naar te kijken. Vanuit die vrijheid kun je besluiten wat je er mee doet. Alle emoties mogen er zijn, mogen ongecensureerd ervaren worden, maar jij besluit welk gedrag je er aan verbindt. Dat is de vrijheid die het resultaat kan zijn van spirituele groei.

Het spirituele doel van emotionele openheid is dat je tenslotte in staat zult zijn te leven vanuit de geraaktheid van je hart, geworteld in de liefde die in jou aanwezig is. Alleen door te oefenen in emotionele openheid kun je ontdekken wat voor jou de wezenlijke en wellicht aanvankelijk nog verborgen zin is van jou bestaan. Je zult leren inzien dat er allerlei oppervlakkige emoties zijn die er niet zo toe doen. Maar ook zul je ontdekken dat er diepere lagen van emotionele bewogenheid in jou schuilen die tot de grond van je bestaan behoren, die uitingen zijn van je ware zelf, en waaraan je ook je ware zelf kunt leren kennen en die je manen tot een existentieel antwoord.

Maar, hoe vreemd dat misschien ook moge lijken, er is een ruim aanbod van zogenaamd spirituele wijsheden, in vele variaties, die juist gericht zijn op de pantsering tegen emotionele openheid. Ze dienen zich gewoonlijk aan als een hogere vorm van inzicht die je echter verlost van het meest menselijke wat in je is: mededogen. Het zijn strategieën tot pantsering van je ziel. Die betreffen nagenoeg steeds het menselijk lijden. Ze nodigen je uit om in een fantasie over de werkelijkheid te stappen waarin geen lijden meer zou zijn. Het lijden wordt dan denkend getransformeerd tot iets anders, bijvoorbeeld zo:
Het lijden is een afrekening met het verleden; een straf op de zonde, karma uit een vorig leven, dus je eigen schuld.
Het lijden komt voort uit negatief denken, dus ook je eigen schuld.
Het lijden is een les om van te leren, dus eigenijk iets moois.
Je hebt hier zelf voor gekozen in een voorgeboortelijk leven, je hebt het dus zelf gewild.
Er is 'nog' lijden omdat je niet verlicht bent; verlichte meesters staan boven het lijden, het is dus een tekortschieten in inzicht.
Er is ook nog een heel andere categorie van strategieën tot pantsering van de ziel. Die wordt vaak, ten onrechte, gestaafd met de opvatting dat liefde betekent dat je alles moet goedvinden, dat je alle rottigheid moet bedekken met de mantel der liefde. En ook daarmee kun je je geraaktheid, je roep van de ziel, het stilzwijgen opleggen. Als er een innerlijk protest in je oprijst om wat er om je heen gebeurt, en als je meent dat dit innerlijke protest betekent dat je "er nog niet bent", of nog niet inziet dat alles "in wezen goed is" en je daarom je innerlijk protest afkeurt en ontkent, dan pantser je ook met die opvatting je ziel.
Een buitengewoon effectieve methode tot pantsering van de ziel is het geloof in de fundamentele slechtheid van de mens.  Die leert je alle bewogenheid van je hart te wantrouwen en dus te ontkennen. De calvinistische opvatting over de slechtheid van de mens heeft in onze tijd een nieuw vorm gekregen in ideeën over de verdorvenheid van het ego. Opvattingen over de zondigheid van de mens en de verdorvenheid van het ego komen in de gnostiek niet voor.
Het herkennen en afwijzen van de strategieën tot pantsering van de ziel is misschien wel het meest wezenlijke onderdeel van de gnostiek als spiritueel pad. Daarin valt een radicale en beslissende keus te maken. Het zien en vervolgens loslaten van je eigen pantsering opent je hart voor de liefde.

Wil je reageren? Ga naar Emotionele openheid

Bied je workshops, cursussen of een andere vorm van dienstverlening aan over deze stapsteen, heb je een website, en wil je hier vermeld worden onder 'Verwante websites'? Stuur dan een email naar webmaster@gnostiek.nl en vermeld je website.

Terug overzicht zeven zelfwerken...

Dit is een pagina van de website www.brammoerland.com