Pakkende teksten

het lied van de parel voor kinderen (2)

    door Nij, 29/11/2011 11:34. #41979. 0 reacties, laatste

Hoor hoe het hem verging.. Hij zal het je zelf vertellen:

Daar ga ik.. vol goede moed, want wat mijn ouders van mij verwachten kan nooit teveel verwacht zijn.. Ik ga samen met twee engelen aan mijn zijde en ik voel me veilig, ja, ik ben vol goeie moed. Ik kom door Maitan en Babel en het gaat allemaal goed. Maar dan, bij Egypte aangekomen, is er een tegenslag, al had ik het kunnen weten, mijn ouders hadden het me immers voorspeld: De engelen verlaten mij en ik verlies mijn kostbare mantel. Even ben ik helemaal de kluts kwijt, dit is niet wat ik wil, maar dan is het net of ik kopje onder ga en boven kom in een nieuw land. Ik huil, ja.. want dit stukje weg word ik door krachten gedreven die ik niet in de hand heb. En dan, voor het eerst, voel ik iets wat ik later zal herkennen als eenzaamheid. Nu weet ik alleen dat ik me naakt en koud voel, en dat er een gemis is wat ik niet meer begrijp, mijn herinnering is weg..

Zoekend naar me beter te voelen voel ik me al gauw thuis bij mensen die mij voeden en nieuwe kleren geven en daar ben ik heel blij mee. Al gauw geniet ik weer van wat mij nu toekomt, ik lach naar de mensen die mij toelachen, ik loop mijn eerste stapjes in de nieuwe wereld, eerst nog aarzelend, maar steeds kordater, mijn nieuwe ouders zijn verrukt, ze moedigen me aan en juichen me toe. Ik zie ze graag blij, dus ik doe mijn best, al gaat het met vallen en opstaan. Maar ach, dat begrijpen ze wel. Ze knuffelen mij steeds als ze blij met me zijn en ik voel aan wat ik te doen heb om hun blij te zien en geknuffeld te worden. Het is als een spel waarin ik gedreven raak en zo groei ik op in deze wereld, in het verre Egypte, maar het had ook Marokko, of Spanje, of Nederland kunnen zijn..

Al is iedereen vriendelijk, toch voel ik af en toe eenzaamheid.. De eenzaamheid die er is omdat er ooit een andere wereld was die ik kende. Een wereld waarvan ik nu afgesloten ben en waarnaar een stil verlangen in mij blijft knagen.

Hier, in dit nieuwe land, is het net of ik steeds een klein stukje geluk krijg toegestopt, een fragmentje hier, een deeltje daar.. en steeds opnieuw is er dan ook de koude van het me afgesneden voelen. Het is nooit helemaal, altijd maar kleine stukjes.. Ik besef tot mijn verdriet dat dit hoort bij deze wereld..

En zo groei ik op, zoals ik al zei, met vallen en opstaan. Ik ben blij als ik het goed doe op school, als ik me weet te gedragen en mooie cijfers haal, als anderen bevriend met mij willen zijn en als ik niet driftig word als alles soms tegenzit, zodat mijn ouders zich niet teleurgesteld hoeven te voelen over mij.
Maar het kost me veel moeite. En heel vaak lukt het me niet, dan verknal ik het weer. Dat geeft niet, zeggen de anderen, dat is groeien, je moet het gewoon allemaal leren. En dan krijg ik wel een aai over mijn bol. Of ze zeggen: zand erover, morgen weer een nieuwe dag met nieuwe kansen.. Of ze worden boos, dat gebeurt ook. Maar soms zeggen ze niks.. dan voel ik dat mijn ouders verdrietig zijn, omdat ze niet meer zo goed weten hoe ze met mij om moeten gaan -en ik weet het ook allemaal niet..- dan is er een groot gat tussen ons en zijn we een beetje onbereikbaar voor elkaar, dat voelt zo triest..

Dan, soms, als ik ’s avonds niet kan slapen en naar de sterrenhemel staar, komt er een heel sterk gevoel van verlangen, dan praat ik zachtjes tegen mezelf en het klinkt misschien gek, maar dat troost me altijd, en de maan met zijn vriendelijke gezicht knikt me dan zo lief toe dat ik me toch niet alleen voel. Ja, weet je, ik heb altijd de gordijnen open ’s nachts, om het lieve gezicht van de maan te kunnen zien, en de duizenden sterren waar ik zo van hou..
Het gebeurt ook weleens dat, als ik uit school kom en een rotdag had, ik onderweg bij de sloot een kikker hoor kwaken, dan ga ik een poosje aan de slootkant bij die kikker zitten en dan vertel ik mijn verhaal van die dag, dat juf mij een standje gaf, dat andere kinderen mij gepest hebben. Ik vertel, en het is net of de kikker me begrijpt, totdat hij ineens, met een sprong de sloot in plonst, dan kijk ik naar de kringetjes die zijn ontstaan en zeg: ‘dag kikker, ga maar lekker je eigen gang!’
En als de ganzen overvliegen en ik hoor hun ‘gakgak’, dan zwaai ik en roep ik ze toe: ‘goeie reis, wel weer terug komen, he!’ Ik weet dan zeker dat ze mij gehoord hebben.. Het liefs zou ik zo op de rug van een gans klimmen om mee te gaan tot ver over de horizon….. waarnaar? Ik weet het niet.. maar het lijkt soms alsof de dieren mij beter begrijpen dan de mensen…



Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.
Om spam te voorkomen wordt een bericht met http:// geblokkeerd.

Naam:
E-mail:
Reactie:
 

Plaats zelf een nieuw bericht.