Pakkende teksten

Paradijs

    door Hans, 25/12/2011 16:48. #42121. 0 reacties, laatste

Dit verhaal heb ik gemaakt voor mijn kinderen en kleinkinderen. Benieuwd wat jullie er van vinden Hans


De geheime tuin

Het paradijs was een hele mooie tuin, vol bloemen, bomen, dieren, en het belangrijkste, twee kinderen, een meisje en een jongen, Eva en Adam.
Ze aten van alle bomen en struiken, waren vrienden met alle dieren, ravotten met elkaar, hadden een vlot gemaakt, op aanwijzingen van Jahweh, waarmee ze over de rivier voeren en als ze moegespeeld en uitgelachen waren, sliepen ze in het gras tegen de rug van een of ander groot wollig dier, lekker warm en veilig.
’s Avonds, in de schemering, als de zon onderging, kwam Jahweh even kijken, wandelde hand in hand met hen door de tuin en stelde voor, dat ze namen zouden geven aan al het groen en de dieren, het water, de rivier, de sterren.
“Kijk” zei Ze, “dat is een Berk”, en toen was het dus een Berk voor altijd. “En dat is een Giraffe,” die z’n nek hoog uitstrekte om de lekkerste jonge blaadjes uit de boom te halen.. Adam en Eva vroegen: “Kunnen we hier altijd doorlopen?” “Ja”, zei ze, “de tuin is eindeloos”.Daar begrepen ze niet veel van, maar het klonk wel goed en veilig
Morgen, gaan we verder” zei Ze, “dat wollige dier was een Beer, dan weten jullie dat ook weer”. Ze maakte een bedje van stro, dekte ze toe, kuste ze welterusten en liep fluisterzingend weg. Ze keerde zich nog even om “Jullie hebben toch niet van die boom daar gegeten wel?” “Nee, hoezo?” “Daar krijg je nu nog buikpijn van en dat is niet prettig, dat is voor veel later. Tot morgen.”
De volgende morgen waren ze vroeg op. En daar stond iemand bij hen die ze niet kenden. “Ik ben Lucifer”, vertelde hij, “een goede vriend van Jahweh, maar je moet niet alles geloven wat Ze zegt. Van die appels daar wordt je juist groot en sterk en weet je veel meer, even veel als Zij. En dan kan je naar buiten, de tuin uit, de wijde wereld in. Dan word je volwassen”.
Dat klonk fijn en bovendien was Lucifer een goede vriend, had hij gezegd. Ze hadden wel vragen van “wat is buiten”, of “wat is de wijde wereld” maar daar werd Lucifer ongeduldig van: “Dat merk je vanzelf wel.”

Je moet weten, dat Lucifer ook wel Diabolo genoemd wordt, een bijnaampje, dat betekent, uit elkaar gooien, scheiden of verwarring stichten, rotzooien, maar dat wisten die kinderen toen nog niet.
Ze aten van die appels. Later gaf Adam Eva de schuld, maar dat is onzin, dat is maar een verhaaltje van “Jahweh, zij heeft het gedaan”. Maar er zijn mensen die dat dus nog steeds geloven, zoals meneer Rouvoet bijvoorbeeld, maar dat is weer een ander verhaal. Wie dat is, moet je maar aan mamma en pappa vragen.
Toen ze gegeten hadden, keken ze elkaar eens goed aan, en voor het eerst hadden ze in de gaten dat ze een meisje en een jongetje waren. Ja, als je dát ziet, ben je niet erg klein meer, dan word je al een beetje volwassen en volwassen worden is heel goed, maar het rare was dat ze het gek vonden dat ze zo bloot waren, daar hadden ze eerst geen last van gehad. Adam met z’n piemeltje en Eva, die al een beetje borstjes kreeg. Eva maakte een beetje onhandig een bikini voor zichzelf en Adam een broekje van bladeren.
Lucifer zei, “en nu hup, de wijde wereld in. Ik weet een weggetje”. Hij maakte een neppoortje en daar gingen ze.
Het was eerst best spannend, maar al gauw heet en een beetje stoffig en beiden vonden ze na een lange wandeling “we zouden nu wel weer terug willen.”
“Wie binne benne benne binnen en wie buiten benne, benne buiten”, zei Lucifer, die van woordgrapjes hield, “wat gebeurd is, is gebeurd, mond dicht, tanden op elkaar en doorlopen en hij hulde zich in een mist en verdween.
Jahweh nog roepen en zoeken, “waar zijn jullie”, maar ze waren al te ver weg en aan het verdwalen. Ze konden met geen mogelijkheid meer naar binnen. Lucifer vertelde later lacherig wat er gebeurd was, maar Jahweh zei: “We are not amused. Je ziet maar, dat je ze weer terugbrengt, heelhuids en laat ze beseffen dat er geen binnen en buiten het paradijs is. De tuin is zonder einde. Dat weet jij best en dat moeten zij ook goed begrijpen” Dat beloofde Lucifer maar ja, hij heeft als bijnaam Diabolo, zoals je inmiddels weet en hij maakte er dus een potje van.
Om kort te gaan. Adam en Eva dwaalden steeds verder weg Het bleef heet en stoffig buiten. Ze hadden allang weer terug gewild, maar het lukte niet.

Er ging een hele tijd overheen. Ze vertelden elkaar verhalen en fantaseerden over wat Jahweh nu zou doen en of ze nog zou zoeken. Ze verlangden naar haar zingen, wilden gekust worden en gingen toen elkaar knuffelen, vrijden een beetje en zo gaven ze elkaar het gevoel dat ze toch weer een beetje bij Haar waren, tegen elkaar aangevleid.
Ze werden ouder, echt volwassen en er kwamen kinderen. Lucifer kwam af en toe langs en leerde hen vuur maken in het hutje, dat ze gebouwd hadden. Verder liep hij wat chagrijnig rond met z’n ziel onder z’n arm. Liet zich soms weken niet zien en verontschuldigde zich dan, als hij weer eens aankwam met, “druk-druk.”
Maar hij had wel belangstelling voor de kinderen. Die groeiden ook op, speelden, ruzieden. Lucifer vond dat de ouders daar niet te veel zorgen om moesten maken, maar toen een van de zoons, die landbouwer was, z’n broer, die jager was per ongeluk uit jaloezie doodsloeg, werd het de ouders toch te gortig. En ze begonnen, terwijl Lucifer hen dat ontraadde(:“Je brengt ze het hoofd maar op hol met die verhaaltjes en fantasieën) de kinderen te vertellen over het paradijs en Jahweh de gesprekken onder het wandelen en haar strelen, dat net was als een zachte wind door je haren. Die tuin werd intussen de “geheime tuin” genoemd, want ondanks veel ronddwalen was hij ook door de kinderen en de kleinkinderen nooit te vinden.
Na verloop van tijd, werden er ook wel eens wijze mannen en vrouwen geboren, niet erg wijs, maar wel een beetje.
Als die tuin hier nergens te vinden is, dachten ze en vertelden ze, dan moet ie wel hierboven zijn, in de lucht, boven de wolken, in de hemel of op een planeet. Dat vonden de mensen prachtig. Ze bouwden tenten, later tabernakels, tempels, kerken, kathedralen. Vreselijk mooi.
En daar moet je dan ook vaak naar kijken, binnen en buiten en luisteren naar de stilte en luisteren naar muziek en zingen.
Die kerken werden opgebouwd door mensen, die van wijsheid hun beroep maakten, priesters bijvoorbeeld. En als de mensen vroegen, waar is Jahweh nu en die tuin, dan wezen ze allemaal omhoog en de torens wezen omhoog als lange gestrekte vingers. Want je kunt moeilijk kromme gebogen torens maken dan vallen ze om en het is ook een beetje raar als een priester naar zichzelf wijst, of naar jou of jou, als je hem vraagt:“Waar is die geheime tuin dan?”

En toch is dat juist het geheim, het grote geheim van jou. Zo’n wonder ben je. Je hoeft niet naar de hemel te wijzen, maar gewoon naar jezelf. Want dat zei Jahweh toch tegen Lucifer,” breng ze terug, laat ze beseffen, dat er geen binnen of buiten mijn paradijs , mijn tuin is.”
Er wordt verteld, dat Jezus dat ook gezegd heeft. Hij zei ;”Het koninkrijk van Jahweh is binnenin jullie, niet op een bepaalde plaats, maar overal, jullie hoeven niet eens te zoeken, je hoeft het alleen maar te beseffen”. Moeiteloos. Het is net zoiets als ademhalen, dat gebeurt ook zonder moeite. Zo dichtbij. Dat begrepen de mensen niet, ze vonden dat hoogmoedig en wartaal. Dus ze maakten hem dood en bleven intussen maar naar de hemel wijzen en zeggen, “daar is het, daar is het paradijs en als je heel veel moeite doet en veel leest en ook naar de kerk, of de moskee, of de tempel gaat en veel op je knieën gaat liggen met je hoofd op de grond, dan ga je later omhoog en kom je bij Jahweh.” Maar dat is flauwekul!
Jij weet nu dat je overal waar je gaat het paradijs meeneemt, buiten of binnen maakt geen verschil. Jahweh is heel dichtbij. Zonder dat je hoeft te roepen. Ze loopt met je mee, neemt je bij de hand en houdt vreselijk veel van je, omdat ze niet anders kan. Je bent van Haar en Zij is van jou.
Dat is dus het geheim van die tuin. Die zit binnenin je en is om je heen. Eigenlijk ben je zèlf die tuin En als je dat weet is het dus geen geheim meer, maar wel iets waar je heel blij over kunt zijn.
Je kunt het ook anders zeggen. Want iedereen is in die tuin Alles en iedereen is met elkaar verbonden .
Niets bestaat dus op zichzelf. Ga maar na, je zou niet zonder je vader en moeder kunnen, niet zonder de lucht, het gras, de bloemen en de bomen, niet zonder eten en drinken, niet zonder de zon, geen ogenblik. Alles en iedereen vormt één geheel. Daar kun je niet uitvallen, nooit van z’n leven. Daar blijf je altijd binnen! Je kunt het vergelijken met mooie sieraden, verschillend van vorm, maar alles is gemaakt van hetzelfde goud.
Sommige mensen maken ook wel een vergelijking met de golven en de zee. De golfjes zijn allemaal verschillend, maar het is allemaal water, allemaal die éne zee. En dat is wat jij eigenlijk bent. Altijd!


Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.
Om spam te voorkomen wordt een bericht met http:// geblokkeerd.

Naam:
E-mail:
Reactie:
 

Plaats zelf een nieuw bericht.