Pakkende teksten

De roep van God

    door Luc, 04/05/2012 19:49. #42595. 8 reacties, laatste

Onlangs wandelde ik op een zonnige namiddag langs de weiden aan de rand van een bos. Ik was mijn hond aan het uitlaten en eigenlijk was het wel fijn om nog eens in de zon te kunnen wandelen na het druilerige weer van de voorbije weken. Zo liep ik daar dus, min of meer in gedachten verzonken, zoals dat wel meer gebeurt met mij; tot plots God tot mij sprak.

Het zal je maar overkomen, terwijl je daar op zo’n godvergeten landweg in gedachten verzonken aan het wandelen bent, dat God plots tot jou spreekt, zonder dat je daar ook maar enigszins op voorbereid bent.

“Koekoek!” riep Hij, “Hier ben Ik.”

Nu ja, in feite beperkte Hij zich tot “Koekoek!”. Dat “Hier ben Ik” dacht ik er zelf bij, omdat ik besefte dat Hij dat zo bedoelde.


Een koekoek, moet je weten, is een rare vogel. Hij legt zijn ei in het nest van een andere vogel. De koekoek is een grote vogel. Daarom is het ei dat hij in dat nest legt veel groter dan de andere eieren die er in liggen.
Wanneer vogeltjes uit hun ei komen, dan hebben deze aan de binnenzijde van hun bek een speciale tekening. Alle vogeltjes uit hetzelfde nest hebben een identieke tekening. Dat is zo opdat de ouder-vogels hun jongen zouden kunnen herkennen bij het voederen wanneer de vogelkuikens met wijd opengesperde bek zitten te wachten als er voedsel wordt aangebracht. Wanneer men een vogeltje in een vreemd nest zou zetten, dan geven de ouder-vogels dat ‘vreemde’ vogeltje geen eten.
Merkwaardig is dat een koekoeksjong precies dezelfde tekening in zijn bek heeft dan de andere vogeltjes waarmee hij in het nest zit.
Wanneer een koekoeksjong sterk genoeg is, dan zal hij steeds proberen om de andere vogelkuikens uit het nest te werken, zodat hij al het aangebrachte voedsel voor zichzelf krijgt. Dit lijkt misschien wel wreed, maar de koekoek doet dit om te overleven. Omdat hij veel groter is dan de andere vogeltjes, heeft hij al dat voedsel nodig voor zichzelf.


Zo ging het ook op die bewuste zonnige lentedag precies met mij.
“Koekoek!” riep God (“Hier ben Ik”). Hij riep het met luide stem en Hij bleef het steeds herhalen opdat iedereen die daar toevallig passeerde Hem zou kunnen horen.
Deze duidelijke roep verdrong al mijn andere gedachten. God had plots mijn volle aandacht.
Ik vond het fijn dat God mij had toegeroepen, gewoonweg om me te laten weten dat Hij daar was.

Maar God roept niet altijd even luid. Gewoonlijk fluistert hij me iets toe. Dat fluisteren komt dan in mijn gedachten, zoals alle andere gedachten dat doen. Zo lijkt het althans, want wat God mij toefluistert is zoveel groter dan deze andere gedachten. Het komt tot mij als een besef, als een weten, en het verdrijft mijn andere gedachten, net zoals de koekoek dat doet.

Toegegeven, je merkt veel beter wanneer God je iets toeroept, dan wanneer Hij je iets influistert.

(Klief een stuk hout en daar ben ik, til een steen op en daar zul je mij vinden - logion 77).



Een mooi verhaal Luc.

Je werpt,via de Goddelijke Koekoek,een licht op het fenomeen Gedachten

Het fenomeen Gedachten vind ik uitermate
boeiend.Ik vind het één van de mooiste aspecten van het verschijnsel Mens.

Altijd de moeite van het bestuderen waard.

Welke status geef jij je gedachten die niet komen van de Goddelijke Koekoek ?


@Welke status geef jij je gedachten die niet komen van de Goddelijke Koekoek?

Wereldse gedachten, gedachten die gebonden zijn aan het dualisme dat vervat zit in onze leefwereld, in onze wereld van vooroordelen en die ontstaan door opvoeding, omgeving en studie.

Wanneer men de twee één kan maken, wanneer men de Christusnatuur in zichzelf ontdekt, wanneer men zich met de Eenheid kan verbinden, dan zal deze eenheidsgedachte in jezelf kunnen groeien en je andere "dualiteitsgedachten" langzaamaan overboord kunnen gooien, net zoals een koekoek dat doet. Dan zal je anders tegen je leefwereld aan kijken.

Dat is mijn mening daar over Harry.



Das mooi Luc.De Éenheidsgedachte voedt
langzamerhand de wens én de wil van de
mensen verschillen te overstijgen.

Verschillen die nogal eens aanleiding zijn elkaar de hersens in te slaan of op zijn minst elkaar op een genadeloze manier te dwarsbomen.

Dus dat is winst van de Éénheidgedachte.

Zo'n Éénheidsgedachte is naar mijn mening
ook een tweesnijdend zwaard.Aan de andere kant van de snede zien we namelijk dat de schepping ook contrasten nodig heeft.

Contrasten (of spanningsbogen,potentialen,dualiteiten) dienen ervoor om het één te kunnen afzetten tegen het ander.Om onderscheidenlijk te kunnen zijn.

In zoekende kringen gaat wel eens het idee rond,dat God de schepping is begonnen om inzicht in zichzelf te krijgen.Want alléén licht geeft geen donkerte en alléén donkerte geeft geen licht.

Daarom denk ik dat óók de gedachten van de wereld,zowel aan de oppervlakte als in de diepte,deel uit maken van het onderscheidend wezen met Schepping als naam.Met als doel om tot groei te kunnen komen.

We vinden een mooie symmetrie in het idee dat God ons mensen naar zijn evenbeeld zou hebben geschapen,aangezien wij mensen ook wel
eens met zelfonderzoek bezig zijn.Zomaar ter herorientatie in het verloren Woud(Koekoek)

En eerlijk gezegd zou het mij zeer benauwen als waterdruppel, tezamen met al die andere waterdruppels,te moeten worden meegevoerd om samen de zee te vormen.Wat een gelijkvormigheid allemaal.



Harry,

@In zoekende kringen gaat wel eens het idee rond, dat God de schepping is begonnen om inzicht in zichzelf te krijgen.

Wel Harry, die mening ben ik ook toegedaan. Volgens mij kwam het Goddelijke Al tot inkeer, keerde dit Al zich in zichzelf omdat het zichzelf besefte, het Al spiegelde zich aan zichzelf, waardoor alles naar buiten kwam, waardoor alles ontstond. Dit is de absolute Eenheid die zich differentieerde. Daardoor ontstond alles, ook de mens. Maar daardoor nemen wij ook alles waar in spiegelingen, in het dualisme.
Om nu als mens opnieuw met het Al verbonden te kunnen worden, moet de mens zich ook in zichzelf keren, om zo het Goddelijke in zichzelf te kunnen baren, waardoor men opnieuw de verbinding met het Goddelijke maakt, zodat het Goddelijke door de mens naar buiten kan stromen.


@Want alléén licht geeft geen donkerte en alléén donkerte geeft geen licht.

Wie echter goed kijkt, ziet dat er in werkelijkheid alleen maar licht is. Dit wordt ons enorm goed voorgespiegeld in het dagelijkse leven: de dag en de nacht. Overdag ontvangen wij het licht van onze zon. ’s Nachts, dan ervaren wij de duisternis, maar in feite bevinden wij ons dan slechts in de schaduw van onze aarde, die op dat ogenblik dat zonlicht in de weg staat. Door onze maan zien wij echter dat het zonlicht er nog wel degelijk is, omdat de maan het zonlicht naar ons weerkaatst. Wij kunnen ’s nachts ook de sterren zien, waardoor het voor ons duidelijk wordt dat er nog zoveel anderen zonnen zijn, dat er in feite niets is dan licht. Dat is de Eenheid die je dan ervaart. De duisternis is in feite niets anders dan een schaduw van iets wat het licht in de weg staat.

Een zwart gat in de ruimte toont ons dat, wanneer een ster is uitgedoofd, deze alles rondom zich heen opslokt, ook het licht. Daarom noemt men dit een zwart gat. Een zwart gat straalt echter geen duisternis uit. Er is niets wat duisternis uitstraalt, enkel licht wordt uitgestraald. Door een zwart gat te zien, door te zien dat dit het licht opslokt, kunnen wij beseffen dat er licht zit in iets wat ons als duisternis lijkt te zijn. Zo kunnen wij beseffen dat er ook licht zit in wat wij als onze eigen duisternis ervaren. Zo moeten wij op zoek gaan naar dat licht door ons in onszelf te keren, wij moeten het licht niet buiten ons zoeken, maar in onszelf.

Zo zie je maar weer dat de hele schepping, al het Goddelijke overal is waar te nemen (logion 77 – Klief een stuk hout en daar ben Ik, til een steen op en daar zul je mij vinden).
Dit is mijn mening daar over.

@En eerlijk gezegd zou het mij zeer benauwen als waterdruppel, tezamen met al die andere waterdruppels te moeten worden meegevoerd om samen de zee te vormen. Wat een gelijkvormigheid allemaal.

Als men er in slaagt om dit Goddelijke in zichzelf te baren, om het Goddelijke door jou naar buiten te laten stromen, dan blijft men echter nog steeds dezelfde persoon, het zelfde individu, maar dan voelt men de verbondenheid met alles wat is. Men blijft de individuele waterdruppel die op zich toch één geheel vormt met de volledige massa van de zee.

@Zo'n Eénheidsgedachte is naar mijn mening ook een tweesnijdend zwaard.

Een tweesnijdend zwaard blijft echter nog steeds slechts één zwaard, dat men zelf in de hand houdt.



Het pleroma.Het Al.Het onnoembare Niets,waaruit alles is voortgekomen wordt
door zoekers vaak als uitgangspunt genomen.

Dat herbergt alles in zich.Ook hetgeen wij als kwaad beschouwen.Zodat aan de mensen gegeven is zelf het onderscheidt te maken.

Het is echter slechts één perspectief van waaruit het fenomeen schepping bekeken kan worden.

En ik:

Waak ervoor slechts één concept voor waar aan te nemen omdat dat de weg naar talloze andere ideeen afsluit.

Weiger mezelf de arrogantie van van Al-Wetendheid aan te meten,want hoe meer er geweten wordt hoe doder de doodlopende weg wel eens zou kunnen zijn.

Dus ploeg ik mezelf met veel pijn en moeite een weg door de wereld.Soms met
inzicht gewonnen.Maar meestal met inzicht verloren.



Dat heb je mooi gezegd Harry, bedankt daarvoor. Want inderdaad, wie hoog wil vliegen, zou wel eens een lelijke val kunnen maken.

En hoe is die hele schepping nu in feite echt onstaan? Men kan daar wel een mening over hebben, maar het zal wel altijd een raadsel blijven, denk ik.

En dat brengt mij onvermijdelijk opnieuw bij het raadsel van de Waanzinnige Hoedenmaker uit 'Alice in Wonderland' die vraagt: "Wat is de overeenkomst tussen een raaf en een schrijftafel?"
Welnu, ik dacht dat ik daar wel een zinnig antwoord op gevonden had.
Maar in het boek gaat de conversatie verder en na verloop van tijd vraagt de Waanzinnige Hoedenmaker of Alice het antwoord op het raadsel al weet. Alice zegt dat ze het op geeft en vraagt wat het antwoord is, waarop de Hoedenmaker antwoordt: "I haven't the slightest idea."

Mooi antwoord toch, niet waar?



Ja Luc, die Waanzinnige Hoedenmaker toch.

Wast-ie zelf waanzinnig of maakte-ie alleen maar waanzinnige hoedjes?.


Wel Harry,

Het boekje werd in het Engels geschreven en daar is de 'Waanzinnige Hoedenmaker' de 'Mad Hatter', hoewel ik het zelf liever lees als de 'Head Matter'.

Zoals ik het boekje lees, is voor mij de Mad Hatter een man die de gnostische weg volgt, iemand die de twee één heeft gemaakt.


Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.
Om spam te voorkomen wordt een bericht met http:// geblokkeerd.

Naam:
E-mail:
Reactie:
 

Plaats zelf een nieuw bericht.