Bramhartigheden

Confucius, Boeddha en het 'ik'

    door Bram, 16/05/2011 11:03. #41124. 3 reacties, laatste

In het oude China bestonden heldere afspraken over ieders identiteit. Die afspraken maakten deel uit van het confucianisme.
Zo werd nauwkeurig beschreven hoe het is om de eerste zoon te zijn, en de tweede, en de derde enzovoort. Hetzelfde gold voor de eerste dochter, de tweede, de derde en zo verder.
Bij ieders zo omschreven identiteit hoorde niet alleen wie en hoe je was, maar ook hoe je je te gedragen had tegenover je medemensen.
Die identiteiten werden geacht deel te zijn van de natuur, in elk geval van de werkelijkheid zelf en op zichzelf te bestaan. Ziekte en onrust in de samenleving zouden ontstaan als het natuurlijke evenwicht tussern yin en yang verstoord zou raken. De aard van het evenwicht tussen yin en yang werd eveneens nauwkeurig, tot in details beschreven. Het verstoorde evenwicht en hoe dat te herstellen vormen een wezenlijk onderdeel van de I Tjing, het chinese boek van de orakels.

Het moet een geweldige indruk hebben gemaakt op de chinezen toen het boeddhisme vanuit Tibet de Himalaya overstak. Want wat beweeerden de boeddhistische monniken? Dat er helemaal geen zelf was. Dat elke notie van een zelf alleen maar bestaat in de verbeelding.
De chinezen, en vooral de chinese daoïsten, konden dat naadloos toepassen op al die confuciaanse identiteiten. En als je ogen eenmaal waren geopend, dan doorzag je ook al die ficties.
Geen wonder dus dat de chinese boeddhisten vervolgd werden door de heersende autoriteiten. Ze ondermijnden met hun boeddhistisch kijk op het niet-zelf de bestaande sociale structuur en daarmee vooral de posities van de elite.
De confuciaanse identiteiten behoren tot het derde domein dat ik eerder benoemde in de vorige Bramhartigheid, het domein van de verbeelding.

Hierna volgt een boeddhistische tekst over het ‘ik’. Verlossing van het lijden kan worden verworven door in te zien dat er geen ‘ik’ bestaat. Ik kom daarop terug in een volgende Bramhartigheid en op de vernieuwende opvattingen in het chinese boeddhisme over het ‘ik’. De wezenlijke vraag is: wat blijft erover als je doorziet dat al die confuciaanse identiteiten fictief zijn. Is er dan nog iets anders, of is er verder helemaal niets - is er alleen maar die confuciaanse illusie?

Woorden van de Boeddha over het ‘ik’

De wereldse mens zal de leer niet begrijpen, want voor hem is geluk alleen te vinden in het ‘ik’, en de zaligheid die ligt in een volkomen overgave aan de waarheid is voor hem onbegrijpelijk.

Noch onthouding van vlees en vis, noch naakt lopen, noch het afscheren van het hoofdhaar, noch het dragen van een grof kleed, noch het zich bedekken met as, noch het offeren aan Agni zal een mens rein maken die niet bevrijd is van ‘ik’-begoocheling.

Hij die de natuur van het ‘ik’ kent vindt geen plaats voor het ‘ik’ en zal aldus de eindeloze vrede bereiken. De wereld houdt vast aan de gedachte van ‘ik’ en daaruit komen verkeerde opvattingen voort.
Als er geen permanent ‘ik’ is dat onze daden doet, dan is er geen ‘ik’, geen doener achter de daden, geen ziener achter wat wij zien, geen heer achter ons streven.
Hij die ontdekt heeft dat er geen ‘ik’ is, zal alle lusten en ‘ik’zuchtige verlangens laten varen. Doet afstand van de hebzuchtige neiging van uw ‘ik’-zucht en u zult volmaakte vrede, goedheid en wijsheid bereiken.
De gedachte aan een ‘ik’ is een dwaling en alle bestaansvormen zijn zo hol als de plataan en zo leeg als de dansende zeepbellen.
Daar er geen ‘ik’ is, kan er geen hiernamaals van een ‘ik’ zijn. Doe daarom afstand van alle gedachten aan een ‘ik’.
(Uit: Woorden van de Boeddha, East-West Publications, Den Haag, 1990)




Als er geen 'ik' bestaat, wat is er dan? Wie worstelt er dan met mijn leven?


Het boeddhistische dogma is, Maria, dat als er geen 'ik' meer is, dat er dan ook geen geworstel meer is.
Het christelijke basis-dogma is dat Jezus voor onze zonden gestorven is. Op vergelijkbare wijze beweert het boeddhisme dat de gehechtheid aan de illusie van een 'ik' de oorzaak is van alle lijden.

Want, volgens de vier edele waarheden van het boeddhisme, geldt het volgende:
1. Het leven is lijden.
2. Het lijden heeft een oorzaak (namelijk de gehechtheid aan de illusie van een 'ik').
3. De oorzaak kan gekend worden (zie 2).
4. Dus is er bevrijding van het lijden (door het uitdoven van het 'ik').

Hier een stukje uit een basis-tekst van het boeddhisme:

De vragen van koning Menander aan Nagasena
Koning Menander ging naar Nagasena. Toen hij bij Nagasena was groette hij vriendelijk en ging aan zijn zijde zitten. Nagasena groette vriendelijk terug en won zo zijn sympathie.
Toen zei koning Menander: “Wat is uw naam eerwaarde?”.
“Nagasena noemt men mij”, antwoordde Nagasena, “maar zo’n naam is maar een conventionele aanduiding. Het betekent beslist niet dat er een individu bestaat dat die naam draagt.”
Koning Menander zei daarop tegen zijn gevolg: “Nagasena beweert dat er geen indivdu bestaat, geloven jullie dat?”
Hij zei tegen Nagasena: “Als er geen individu bestaat, wie ontvangt dan een monnikspij, de aalmoezen, onderdak en geneesmiddelen om zieken te genezen?”. Wie heeft daar dan profijt van? Wie houdt zich aan de gedragsregels? Wie be¬oefent er yoga? Wie doorloopt de verlossingsweg, verkrijgt er het resultaat van en het uitdoven? Wie doodt er een levend wezen? Wie neemt wat niet is gegeven? Wie misdraagt zich door wellust? Wie liegt er dan? Wie gebruikt verdovende midde;len? Wie pleegt de misdaden die direkte gevolgen hebben? Als waar is wat u zegt, dan is er geen goed of kwaad, niemand die goed of slecht kan doen, er zijn geen gevolgen en geen optreden van gevolgen van goede en slechte daden. Als uw eventuele moordenaar niet bestaat, heeft hij ook niemand vermoord. U heeft dan ook geen leraar en bent niet toegelaten tot de monnikenorde.

Deze tekst gaat verder met het 'bewijs' dat er echt geen individu Nagasena bestaat.

Ik kom hier overigens nog op terug in een volgende Bramhartigheid.
Maar zie voor nu vast de eerdere Bramhartigheden:
'Het leven is lijden?'
'Bevrijding van het lijden?'


Al regent het hier momenteel zondvloedachtig, de wereld is gisteren niet vergaan, dus wacht ik, na het lezen van de hierboven geadviseerde stukken heel (on-) geduldig op het vervolg van de Bramhartigheden.


Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.
Om spam te voorkomen wordt een bericht met http:// geblokkeerd.

Naam:
E-mail:
Reactie: