Bramhartigheden

Zoek mij in uw vreugde en smart

    door Bram, 18/02/2012 22:42. #42403. 8 reacties, laatste

Zoek mij in uw vreugde en in uw smart

Kijk naar mij, luister naar mij.
Eet mij op met uw aandacht.
Verban mij niet met uw blik.
Hoor mij niet aan met argwaan.
Laat uw spreken mij niet haten.
Zorg dat je me kent, altijd en overal.
Maar pas op! Wees op uw hoede voor mij.
Maar zorg wel dat je me kent!

Want ik ben de eerste en de laatste.
Ik ben heilig en eerloos.
Ik ben de hoer en de maagd.
Ik ben de moeder en de dochter.
Ik ben onvruchtbaar maar heb vele kinderen.
Vele malen ben ik uitgehuwelijkt,
maar ik heb geen echtgenoot.
Ik ben de vroedvrouw en degeen die baart.
Ik ben de bruid en de bruidegom.
Ik ben de moeder van mijn vader,
de zus van mijn man,
en ik heb hem zelf gebaard.

Ik ben het onbegrijpelijke zwijgen.
Ik ben de almaar weer in de herinnering
teruggeroepen gedachte.
Ik ben de stem die zichzelf begeleidt,
het woord zonder houvast.
Ik ben de naam die ik mijzelf geef.

Ik ben schaamteloos en ik schaam mij diep.
Ik ben de nietsontziende kracht
en sidder van angst.
Wees op uw hoede voor mij!
Haat mij niet.
Heb mij niet lief.
Vrees mij niet.
Maar zoek mij
in uw vreugde en in uw smart.
Neem mij in bezit zonder aarzeling.

Waarom vervloekt u mij?
Waarom vereert u mij?
U heeft mij geslagen en getroost.
Ik ben de vrede
en de oorlog onstond om mij.

Wie mij niet kent, heeft geen weet van mij.
Maar wie mij kent herkent zichzelf.
Soms ben ik heel dicht bij.
En hoe groot is dan de afstand!
Soms ben ik ver verwijderd.
O, hoe na zijn wij elkaar dan.

Luister dan naar mij.
Let goed op.
Er is hier niemand behalve ik.
Maar toch, ik ben hier niet.
Ik ben hier nog nooit geweest.
Verschuil je daarom in mijn woorden.
En laat mij hier achter,
want ik ben er niet.
Als ik hier wel was
zou je me niet kunnen horen.

Haat mij niet.
Heb mij niet lief.
Vrees mij niet.
Maar zoek mij
in uw vreugde en in uw smart,
want daar zul je mij vinden.

(Dit is een deel uit ‘Donder, volmaakt bewustzijn’ een gnostische tekst uit de Nag Hammadi-geschriften, code NHC VI.2. Het woord ‘Donder’ in de titel is synoniem voor God of het goddelijke, zoals in de oudheid gebruikelijk. Deze tekst dateert uit de eerste eeuwen van onze jaartelling.)


O, wat moeilijk. Heb het al eens gelezen, maar begrijpen doe ik het niet. Is het soms dat God of goddelijke alom is?


Wat een schitterend tekst is dat!

Geen naam kun je 'HET' geven.
Geen houvast kun je er aan hebben..
want het is nòch het één nòch net ander..,
maar tegelijkertijd is het zowél het een als het ander!!

Het is het - altijd en in ieder moment - Zijnde..

Begrip nog verstand kunnen HET vatten.
Maar HET IS - 'wáár je ook bent, of 'wanneer'...

Waarom zouden zo weinigen het vinden?..

Het is 'het': 'IK BEN DIE IK BEN' !...

- Oh.., zouden dáárom zo weinigen het vinden?!


Bedankt, Leo. Wordt me nu duidelijk.


Het ... blijft mij raken.

www.youtube.com/watch?feature=player_embedded&v=E2IVCyFt2Os


Beste Bram,
Ik heb je boeken met heel veel belangstelling gelezen en daardoor ben ik de Nag Hammadi geschriften gaan lezen. Deze boeken hebben indruk op mij gemaakt en ik heb ze meerdere keren gelezen. Ik heb er een andere kijk door gekregen, het heeft me positief beïnvloed. Ik lees zo af en toe de reacties op je site, maar heb zelf nog niet eerder gereageerd. Maar toen ik dit stuk hierboven las werd ik getriggerd en heb ik besloten om te reageren. Aangezien de teksten uit het boek Donder: volmaakt Bewustzijn erg cryptische zijn, waarschijnlijk voor ingewijden geschreven, heb ik er mijn eigen hele vrije interpretatie op los gelaten. Het kan zijn dat de schrijver dit absoluut niet zo bedoeld heeft, maar al werkende kwam ik hier op uit:

De titel van dit boek is Donder: volmaakt Bewustzijn. Jij gaf aan dat Donder synoniem is voor het Goddelijke. Maar waar staat het volmaakt Bewustzijn voor. Het evangelie volgens Maria Magdalena zegt daar iets treffendst over. In dit evangelie kreeg Maria een visioen. Zij zag Jezus in een visioen voor zich staan en vroeg zich onmiddellijk af: ‘Heer, ziet hij die een visioen heeft met de ziel of met de geest?’ De verlosser antwoordde en sprak: ‘Hij ziet noch met de ziel noch met de geest maar met het bewustzijn, dat tussen die twee ligt’.
Vanuit de gnostiek kun je zeggen dat de ziel een creatie is van de scheppende god, de Demiurg. De ziel staat voor het aardse en de hartstochten. Uit deze hoek komt ook de pijn, het verdriet en de smart. De geest is daarin tegen van goddelijke afkomst en van nature goed. En volgens het evangelie van Maria zit het bewustzijn daartussen. In veel boeken uit de Nag Hammadi geschriften komt naar voren dat het belangrijk is dat de mens de geest of het goddelijke in zichzelf leert kennen. Maar daar tegenover zijn er ook verhalen die aangeven dat het ook goed is om je donkere zijde te onderzoeken. Je moet je ogen niet sluiten voor de kwaadaardigheden, pijn of verdriet. Bij een volmaakt bewustzijn is het waarschijnlijk zo dat de mens volledig in balans is. Vanuit dit (volmaakte) bewustzijn kon Maria het goede en dus Jezus zien. Ik heb het idee dat de tekst uit Donder: volmaakt Bewustzijn ons hiernaar toe wil leiden met als doel om het goede in ons zelf en de eenheid tussen geest en ziel te vinden. Dit houdt in dat er niet alleen gezocht moet worden naar de goddelijke geest in de mens, maar dat ook de ziel aandacht verdiend. En soms lijkt dit op een strijd en die strijd wordt hier ook min of meer omschreven. In de eerste zin wordt dit al aangegeven: ‘Zoek mij in uw vreugde en in uw smart’ , zoek mij op beide flanken.

Deze tekst start met de zoektocht in de smart, het verdriet of het kwaad in de mens. Filippus heeft daar iets over geschreven: ‘Wat onszelf betreft: laat ieder van ons graven naar de wortel van het kwaad in zichzelf en het met wortel en al uit zijn hart wegrukken. Het kwaad zal worden weggerukt als we het kennen. Als we het niet kennen schiet het wortel in ons en brengt het vruchten voort in ons hart. Dan beheerst het ons en zijn wij zijn knecht. Het neemt ons gevangen en laat ons dingen doen die we niet willen, en wat we willen, doen we niet. Het blijft machtig omdat we het niet hebben herkend. Zolang het er is, is het werkzaam’. Hier wordt eigenlijk gezegd dat wanneer je het kwaadaardige, de smart, het verdriet in jezelf herkent, het grootse leed geleden is. Met andere woorden ontken het niet en loop er ook niet voor weg, maar leer het kennen: ‘Als iemand niet in de duisternis staat, zal hij niet instaat zijn het licht te zien… Hij die de wortel van het slechte niet leert kennen, is er ook geen vreemde voor. (Gesprek met de Verlosser, Nag Hammadi geschriften). In het stuk Donder: volmaakt Bewustzijn wordt iets soortgelijks gezegd, zoek het goddelijke in jezelf, maar kijk ook naar de andere kant en wees op je hoede. Je kunt de tekst lezen als een opera waarin de aardse ziel zacht maar indringend zingt: ‘Kijk naar mij, luister naar mij. Eet mij op met uw aandacht. Verban mij niet met uw blik. Hoor mij niet aan met argwaan. Laat uw spreken mij niet haten. Zorg dat je me kent, altijd en overal. Maar pas op! Wees op uw hoede voor mij. Maar zorg wel dat je me kent!’

Door dit besef wordt de complexiteit van het bewustzijn langzaam duidelijk. Wij mensen zijn vaten vol tegenstellingen, we zijn vaak goed, maar maken soms ook fouten. We kunnen goed luisteren, maar soms zijn we ook doof. En het bewustzijn zingt als een koor langzaam steeds luider: ‘Ik ben heilig en eerloos. Ik ben de hoer en de maagd. Ik ben de moeder en de dochter. Ik ben onvruchtbaar maar heb vele kinderen. Vele malen ben ik uitgehuwelijkt, maar ik heb geen echtgenoot. Ik ben de vroedvrouw en de geen die baart. Ik ben de bruid en de bruidegom. Ik ben de moeder van mijn vader, de zus van mijn man, en ik heb hem zelf gebaard, Ik ben het onbegrijpelijke zwijgen. Ik ben de almaar weer in de herinnering teruggeroepen gedachte. Ik ben schaamteloos en ik schaam mij diep Ik ben de nietsontziende kracht en sidder van angst.….Ik heb het allemaal in mij!’ En wat moet ik hiermee? Het antwoord is: Wees op uw hoede voor mij! Haat mij niet. Heb mij niet lief. Vrees mij niet. Maar zoek mij in uw vreugde en in uw smart. Neem mij in bezit zonder aarzeling. Met andere woorden, sta hier onafhankelijk in, accepteer dat je als mens tegenstellingen voelt. Maar wees ook op je hoede en zorg dat kwaadaardige gevoelens hier niet de overhand in nemen, hou dit in de hand.

Het Goddelijk komt op het toneel en zingt: ‘Wie mij niet kent, heeft geen weet van mij. Maar wie mij kent herkent zichzelf. Soms ben ik heel dicht bij. En hoe groot is dan de afstand! Soms ben ik ver verwijderd. O, hoe na zijn wij elkaar dan.

Maar daar tegenover staat de Demiurg, de schepper van de ziel en zingt: ‘Luister dan naar mij. Let goed op. Er is hier niemand behalve ik’. Dit zei de Demiurg ook in de scheppingsverhaal van het geheime boek van Johannes, ‘Ik ben de god er is geen andere god dan ik’. En terwijl de Demiurg dit vol overmoed zingt ontmanteld het Goddelijke hem langzaam. Hij pelt de Demiurg af als een ui totdat er niets meer overblijft. En uiteindelijk blijkt dat de Demiurg niet meer dan een illusie ze zijn. Het kwaadaardige is gezien en de Demiurg zingt krachteloos verder: ‘Maar toch, ik ben hier niet. Ik ben hier nog nooit geweest. Verschuil je daarom in mijn woorden. En laat mij hier achter, want ik ben er niet. Als ik hier wel was zou je me niet kunnen horen.’ Het was een kwade droom, ik ben hier nooit geweest en nu is het weg en dus: ‘Haat mij niet. Heb mij niet lief’, want waarom zou je een illusie haten of lief hebben. De kwelling kwam, zoals Jacobus dit in zijn boek zei, van binnenuit, de mens had het zelf in de hand:‘Luister naar het woord! Versta de gnosis! Bemin het leven. Niemand zal jullie achtervolgen en niemand zal jullie kwellen, anders dan jullie zelf!

En de geest en de ziel zingen samen verder: Vrees mijn niet. Maar zoek mij in uw vreugde en in uw smart’.








Mooi duidelijk heb je dit weergegeven, Hylke !

Hierbij aansluitend zou ik nog een mooi gedicht van Bô Yin Ra willen meegeven,
die leefde nog voordat de Hag Hammadi-geschriften gevonden waren.

'IK'

'Ik' is het Woord
En is de stem
Die het spreekt.
'Ik' is het goud
En is het heil:
'Ik' is de Stralende
En is het licht!

'Ik' ben zij allen
Die in mij ik ben.
'Ik' ben de vorm,
Zijn inhoud , -
De vorming
En haar zin!
Ik ben de aarden kruik
En de pottenbakker:
De mens der aarde
En zijn schepper!

(Uit 'Eeuwige Werkelijkheid' van Bô Yin Ra)





'


Beste Leo,
Bedankt voor je reactie. Ik vond het een mooi gedicht dat je gestuurd hebt, hierin is het ‘Ik’ ook in alles terug te vinden.
Het gedicht heeft me ook op een andere manier aan het denken gezet, want het doet me denken aan een andere passage uit de Nag Hammadi geschriften waarin ‘het Woord’ een belangrijke rol speelt. Maar eerst even naar jouw gedicht. Het lijkt erop dat het gedicht begint met een definitie. Ik is het Woord. Als we dit in eerste instantie heel letterlijk nemen kunnen we (voor de grap) in het gedicht alle Ik-ken vervangen door ‘het Woord’, dan staat er dit:

'Ik' is het Woord (definitie)
En is de stem
Die het spreekt.
Het woord is het goud
En is het heil:
Het woord is het Stralende
En is het licht!

Het Woord zijn zij allen
Die in mij, in mijn Woord verborgen zit.
Het Woord is de vorm,
Zijn inhoud , -
De vorming
En haar zin!
Het Woord is de aarden kruik
En de pottenbakker:
De mens der aarde
En zijn schepper!

Dan is nu de vraag, wat is ‘het Woord’, wat betekend dit. Nu heeft de schrijver van het gedicht de Nag Hammadi geschriften niet gelezen, maar in het Evangelie der Waarheid gaven de oude gnostici aan hoe zij hier over dachten. Zij schreven het volgende:

‘Toen de woorden nog in de diepte van Zijn denken verbleven, liet het Woord dat als eerste is uitgegaan, hen verschijnen tezamen met het denkend bewustzijn dat het ene Woord in stille genade uitsprak, en dat ‘gedachte’ wordt genoemd, omdat zij hierin vertoefden nog voor zij waren gemanifesteerd’

‘Toen de woorden nog in de diepte van Zijn denken verbleven’ wil wat mij betreft zeggen dat de woorden eerst in de goddelijke kracht buiten de mens aanwezig was. ‘Liet het Woord dat als eerste is uitgegaan, hen verschijnen tezamen met het denkend bewustzijn’ het woord verliet die plek en bereikte het denkend bewustzijn van de mens. En nu komt het: ‘Het denkend bewustzijn dat het ene Woord in stille genade uitsprak, en dat gedachte wordt genoemd’, dus de mens ontving deze grondgedachte, het Woord, sprak het uit en noemde het een gedachte. Sterker nog hij noemde het misschien wel zijn gedachte of terwijl ‘Ik is de gedachte’ / ‘Ik is het Woord’, hij identificeerde zich met die goddelijke gedachte. ‘Het Woord’ en ‘Ik’ worden hierdoor weer gelijk. Daardoor kom je weer terug op de oorspronkelijke tekst van het gedicht: 'Ik' is het goud. En is het heil: 'Ik' is de Stralende. En is het licht!
De goddelijke gedachte, het Woord heeft zich vermengd met de mens en zijn daardoor gelijkwaardig geworden. En met die gelijkwaardigheid eindigt het gedicht ook ‘Ik ben de aarden kruik. En de pottenbakker: De mens der aarde. En zijn schepper! De mens zoekt een vorm om zijn goddelijke grondgedachte/ het Woord een plek te geven, gaat schrijven of schilderen. We creëren en zijn daardoor de aarden kruiken en de pottenbakker zelf.

Ik denk dat die oude gnostici er vanuit gingen ‘het Woord’, de goddelijke grondgedachte al zit in de mens aanwezig is. En de mens is instaat om deze grondgedachte op te roepen, te ontcijferen, te ontdekken en hier uiting aan te geven. Met de laatste zin: ‘omdat zij hierin vertoefden nog voor zij waren gemanifesteerd’ kan een extra bevestiging zijn van het feit dat het woord, de ideeën en gedachten al in de mens zaten voordat zij het beseften. Dit is ook iets waar Plato vanuit ging. Hij ging er vanuit dat alle vormen, alle ideeën en creaties al in de mens, in zijn geest aanwezig is. En dat door goede vragen te stellen deze gedachte vrij komen.
Misschien heeft Bô Yin Ra wel iets over Plato gelezen. Leuk om hierover de filosoferen.



Ja Hylke, denken en filosoferen is dan wel leuk, maar het raakt nooit de kern, de essentie.
Zoals ik ook in #42416 al probeerde duidelijk te maken gaat het hier om het Zijn, het 'Ik Ben' en niet om het 'ik denk dat ik ben'.
Het Gnostische stuk uit Donder, - volmaakt bewustzijn -, dat Bram hierboven geplaatst heeft, geeft dit op prachtige wijze ook weer.
Het geeft je geen 'houvast' in de zin van een definitie: van dit is zo en niet anders, zoals de dogma's van de Katholieke kerk.

Ook Shakespeare zei dit op zeer kernachtige wijze:

"To Be or not to Be, that's the question!"
Te Zijn is: to be,
te denken is: not to be !

NB. Waarmee ik dus zeker niet wil zeggen dat het denken waardeloos of slecht zou zijn, maar het zou beter zijn om het te gebruiken voor taken waar het geschikt voor is.


Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.
Om spam te voorkomen wordt een bericht met http:// geblokkeerd.

Naam:
E-mail:
Reactie: