Bramhartigheden

Elk mens zijn eigen Messias?

    door Bram, 22/09/2014 15:08. #45768. 2 reacties, laatste

In de gnostiek wordt gezegd dat de Christus in de mens woont, en zelfs dat elke mens een Christus is. Maar wat betekent dat?

Ik bezocht eens een door franciscanen georganiseerde bijeenkomst. Een vertegenwoordiger van het bisdom Utrecht hield een lezing. Na de lezing was er gelegenheid tot het stellen van vragen. Op één van de vragen antwoordde de inleider: ‘Dat riekt naar zelfverlossing’.
Er ontstond een discussie, waaraan ook anderen deelnamen.
De inleider kapte de discussie resoluut af: ‘Ja, kijk eens, die vraag hebben we in de dertiende eeuw toch definitief beantwoord? Ik zie de zin er niet van in om daar steeds weer op terug te komen.’

Wetend wat er in de dertiende eeuw werkelijk had plaatsgevonden, leek me dat een nogal cynische opmerking.
Want er is veel bloed vergoten om het gelijk van de kerk te vestigen, en dan vooral in die dertiende eeuw. In 1209 werd bijvoorbeeld de stad Béziers uitgemoord. Het was het begin van de kruistocht tegen de katharen in Zuid-Frankrijk, waartoe paus Innocentius III had opge-roepen. ‘Maar hoe kan ik een goed katholiek onderscheiden van een kathaar?’, had een van de belegeraars van Béziers nog aan de pauselijke legaat gevraagd. Het antwoord: ‘Doodt hen allen, God zal de zijnen herkennen’. En die raad volgden de kruisvaarders enthousiast op. De leider van de kruistocht schreef trots aan de paus van Rome dat Gods wraak wonderbaarlijk had toegeslagen, want er waren in Béziers in slechts enkele dagen wel twintigduizend ketters gedood!

Zelfverlossing kun je kennelijk als een kwaad beschouwen dat zelfs een bloedige kruistocht waard is.

Maar wat is dat, zelfverlossing? En wat zou daar fout aan kunnen zijn?

Verzoeningsleer

In het kerkelijk christendom geldt de verzoeningsleer als basis van het geloof.
Volgens de kerk heeft Jezus met zijn lijden en zijn dood plaatsvervangend geboet voor de zonden van de mensheid.
Alle mensen worden in zonde geboren en dankzij het zoenoffer van Jezus kunnen de mensen hun relatie met God weer in het reine brengen. Die kerkelijke visie heet ‘de verzoeningsleer’. Voor vele christenen vormt de verzoeningsleer nog steeds de kern van het christendom.

De katholieke mis staat geheel in het teken van de verzoeningsleer. De mis begint met een collectieve schuldbekentenis:
'Mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa.'
(Door mijn schuld, door mijn schuld, door mijn grote schuld.)
Meteen volgt een smeekbede om vergeving:
'Kyrië eleison, Christe eleison, Kyrië eleison.'
(Heer, ontferm u over ons, Christus, ontferm u over ons, Heer, ontferm u over ons.)
Daarna viert men het zoenoffer in de eucharistie.
Het brood is symbool van het lichaam van Christus, de wijn is symbool van zijn bloed. Het brood en de wijn zijn samen het symbool van het zoenoffer van Jezus.
Na de eucharistie volgt de smeekbede:
'Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, miserere nobis, dona nobis pacem.'
(Lam van God dat de zonden van de wereld wegneemt, ontferm u over ons, geef ons vrede.)

Jezus is het ‘Lam van God’, het offerlam. Brood en wijn zijn samen het symbool van het offer van zijn leven om daarmee plaatsvervangend te boeten voor de zonden van de mens. Het brood is het symbool van zijn lichaam, de wijn het symbool van zijn bloed, het ‘verzoenend bloed van Christus’.
Door het zoenoffer kan de mens verlost worden van zijn zonden. Die verlossing kan verkregen worden door het geloof, en alleen door het geloof. ‘Alleen door het geloof’ zei Paulus. ‘Alleen door het geloof’ zei kerkvader Augustinus. ‘Alleen door het geloof’ herhaalde Luther.

Maar toch is daar nog een voorwaarde aan toegevoegd, namelijk dat de verlossing van de zonden van de mens alleen geschonken kan worden door de kerk. Buiten de kerk is geen verlossing mogelijk. Want de kerk is het genade-instrument van God.
En zo eigende de kerk zich het monopolie toe op de verlossing.
Wie meent dat hij de kerk niet nodig heeft, en aan zelfverlossing doet, die ondergraaft daarom het monopolie van de kerk op het uitdelen van Gods genade.

De katharen waren gnostici, de laatste in de westerse geschiedenis. En met de massamoord op de katharen in de dertiende eeuw was het probleem van de zelfverlossing dus definitief opgelost, zo leek het. Want de katharen erkenden de macht van de kerk niet, en al helemaal niet de rol van de kerk als het genade-instrument van God. De katharen deden aan zelfverlossing, net als de gnostici uit de eerste eeuwen.

De mysticus Eckhart (ca. 1260-1328) zei het zo:
'De mens in wie Gods Rijk aan de dag treedt en die het als nabij erkent, heeft niet langer prediking of onderricht nodig: hij weet genoeg uit innerlijke ervaring.'
Hij werd in de ban gedaan, maar stierf een natuurlijke dood voor hij op de brandstapel gezet kon worden.

Het is in dit verband heel betekenisvol dat in de gnostiek gezegd wordt dat de Christus in de mens woont, en zelfs dat elk mens een Christus is. Waarom is dat zo betekenisvol?
Het woord ‘Christus’ is een vertaling in het Grieks van het Joodse woord voor ‘Messias’. De Messias, dat is voor de Joodse gelovigen de verlosser van het Joodse volk.
Voor Joodse oren van de tijd moet het daarom heel verrassend en zelfs schokkend zijn geweest om te vernemen dat de Messias in de mens woont.
Het betekent niets minder dan dat elk mens zijn eigen Messias is, zijn eigen verlosser. En het betekent zelfs ook dat elk mens een verlosser van de wereld kan zijn.


@Het betekent niets minder dan dat elk mens zijn eigen Messias is, zijn eigen verlosser. En het betekent zelfs ook dat elk mens een verlosser van de wereld kan zijn.

Eigen verlosser zijn en verlosser van de wereld vind ik heel mooi aansluiten bij de tekst van Luc: door een open venster naar de wereld kijken.


Helemaal mee eens, Nij, die overeenkomst met de tekst van Luc.


Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.
Om spam te voorkomen wordt een bericht met http:// geblokkeerd.

Naam:
E-mail:
Reactie: