De Geheime Woorden

Toelichting bij het Thomas Evangelie

Bram Moerland

Spring direct naar logion of naar het volgende logion »


De medemens gaat boven de leer

25

Jezus zei:
Heb je broeder lief als je ziel,
behoed hem als je oogappel.

 

Wat een mooi beeld is dat: 'behoed je broeder als je oogappel'.
Je oog is heel gevoelig voor aanraking. Het is misschien wel je meest kwetsbare lichaamsdeel.
Wees dus even gevoelig voor je naaste als je zelf bent voor je eigen oogappel

Dit logion is een commentaar op een tekst uit het Oude Testament.
In Spreuken 7:1 staat:

Koester mijn lessen als je oogappel.


Het verschil met dit logion is groot en wezenlijk.
In het Oude Testament moet de leer gekoesterd worden.
Maar in Thomas is het je broeder die behoed dient te worden.
De medemens gaat boven de leer.

Zoek de antwoorden op je levensvragen niet in het verhevene, maar in de eenvoudige, alledaagse praktijk. De praktijk van het leven is de weg, niet de leerschool. Een leerschool kan nooit meer zijn dan een voorbereiding, een vingerwijzing. En de vinger die wijst naar de maan is niet de maan.

Maar, je naaste liefhebben, is dat wel zo makkelijk?


De vertaling en toelichting van Bram Moerland bij het Thomas-evangelie is ook uitgegeven in boekvorm. Wil je dat boek bestellen? Je vindt de gegevens hier.


 


Parallellen

De parallellen zijn bedoeld voor nadere studie. Ze zijn zeker niet altijd in overeenstemming met het Thomas-evangelie. Want ook contrasten met bijvoorbeeld citaten uit de Bijbel zijn van belang voor het verstaan van de betekenis.
Ken je zelf een tekst die past bij dit logion? Het zou fijn zijn als je die hieronder wilde publiceren.




Een kloosterling kwam bij Theodorus, de abt van het klooster van Sceta en zei: "Ik weet waartoe we op aarde zijn. Ik weet wat God van de mens verlangt, ik weet hoe ik Hem het best kan dienen. En toch ben ik niet in staat om te doen wat ik zou moeten doen."
De abt zweeg lange tijd en zei toen: " Je weet dat er aan de overkant van de zee een stad ligt. Maar je hebt nog geen schip gezocht, je bagage nog niet aan boord gebracht en je bent het water nog niet over gestoken. Waarom zou je blijven praten over hoe die stad is, of hoe we daar door de straten moeten lopen?"
Weten waartoe je op aarde bent is niet genoeg, zegt de abt: "Begin met wat je denkt in praktijk te brengen, en de weg zal zich vanzelf aan je tonen. "
(Ingezonden door Carla Emans)

 


Reacties (8)

Dit is een nadere uitwerking van de oude Hillel: " Wat gij niet wilt, doet dat ook een naaste niet" (Flusser, Jezus, Kwadraat Monografie 1991, p68). Als je onbaatzuchtig van de ander houdt en herkent waar de ander zich bevindt in diens gebied van de ziel, dus God in de ander herkent, kun je niet anders dan hoogachten. Als je de liefde aan het woord laat kun je de ander niet bedriegen, pijn doen enzovoort. Als je dat er tenminste voor overhebt. Want eigenbelang staat dit vaak in de weg.


Ook hier een citaat uit het Oude Testament toegevoegd om het nieuwe van het Thomas-evangelie duidelijk te maken.
In logion 18 wordt verwezen naar een tekst in het OT waarin beweerd wordt dat alleen Jahweh het begin en het eind is, terwijl Thomas gaat over begin en eind in de mens.
In logion 19 is er een citaat uit Jesaja waarin wordt gezegd dat alleen Jahweh 'de eeuwige' is, terwijl 'het eeuwige' volgens Thomas in elk mens is.
In logion 25 wordt opgeroepen je naaste te behoeden als je oogappel; in het OT dien je de leer te behoeden als je oogappel.
Het zijn drie toevoegingen aan de vorige uitleg die heel helder maken dat de boodschap van Thomas vernieuwend is in vergelijking met het OT en die vernieuwing zichtbaar maakt door voor de toenmalige joodse toehoorders bewust te variëren op teksten uit het OT.
Het maakt het allemaal nog veel interessanter.


'De mens gaat boven de leer.'

Bij Jezus neemt Liefde de plaats in van de 'wet' of de leer.Zo sluit dan ook het vers in Mattheüs 5 er mooi bij aan waar Jezus zegt: "Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen; Ik ben niet gekomen om die af te schaffen, maar te vervullen."

Door zijn 'zijn' getuigt in woorden en handelingen dat Liefde de vervulling is van de wet. Om dit laatste gaat het bij Jezus en dat is vernieuwend.Ook Paulus refereert hiernaar in zijn hooglied van de liefde.

Zo is er ook een mooi verhaaltje over 2 zen monniken die dit illustreren.
Ik plaats het eens hieronder:

"Er liepen eens een oude en een jonge Zen-monnik langs een weg. Op een gegeven moment kwamen ze bij een rivier, die ze moesten oversteken. Op de plek waar de weg en de rivier elkaar kruisten, stond een mooie jonge vrouw in een zijden kimono. Zij vroeg of de monniken haar konden helpen bij het oversteken. De oude Zen-monnik aarzelde geen moment, nam haar in zijn armen, droeg haar naar de overkant en zette haar daar neer.
Zwijgend vervolgden de monniken hun weg.
‘s Avonds laat toen ze onderdak hadden gevonden in een tempel kon de jonge monnik zich niet langer bedwingen en vroeg: “Wij Zen-monniken mogen ons tijdens onze training niet met vrouwen bemoeien, laat staan aanraken. Waarom heb jij dat dan toch gedaan?”
De oudere monnik antwoordde: “Ik heb de vrouw opgepakt, naar de overkant gedragen, haar daar neergezet en losgelaten. Jij draagt haar kennelijk nog steeds met je mee en hebt haar nog niet losgelaten."




Marith, natuurlijk ken ik de grotallegorie. Ken je ook mijn artikel over Plato?
Zoals ik hier duidelijk wil maken kan de mystieke gelukzaligheidmervaren worden als een schrijnend contrast met de alledaagse werkelijkheid waarin lijden is. Ik geloof ook niet dat iemand dat zal ontkennen. Het contrast wordt in de mystieke literatuur helder beschreven. Dat contrast is een ervaringsgegeven. Je ervaart de gelukzaligheid en je ervaart het gemis daarvan in de alledaagse werkelijkheid.
Maar over dat contrast tussen mystieke ervaring en het lijden dat aan de alledaagse werkelijkheid verbonden is vallen filosofische keuzes te maken. Ja, ik noem dat met opzet filosofische keuzes, omdat die keuzes voortkomen uit het denken daarover achteraf: hoe verklaar je denkend wat er in de ervaring gebeurd is?
Zowel in het boeddhisme als in de advaita vedanta wordt het probleem van de tegenstelling tussen mystieke ervaring en de alledaagse werkelijkheid opgelost door de alledaagse werkelijkheid als niet-bestaand, als een illusie te benoemen. Ik zeg hier bewust 'benoemen' omdat dat achteraf denkend gebeurt. Het is een duiding achteraf. Dus, hoewel het boeddhisme en de advaita vedanta beide wellicht de mystieke ervaring van alomvattende gelukzaligheid als uitgangspunt hebben, is hun duiding voor beide achteraf dat de alledaagse werkelijkheid niet bestaat, slechts een illusie is. Daar kan ik natuurlijk allerlei citaten voor aanvoeren, maar daar heb ik niet zo'n zin in. Dat is wat ik voor mijzelf heb geconstateerd en dat heeft mij doen besluiten dat ik geen boeddhist wilde worden en dat ik ook niets zie in de advaita vedanta.
Ik neem aan dat ook Plato de mystieke ervaring kende. Daar getuigen zijn teksten voor mij voldoende overtuigend van.
Maar ik ga niet mee in zijn ontwerp achteraf van een materiële werkelijkheid en een geestelijke werkelijkheid die onafhankelijk van elkaar zouden bestaan.
Ik kies voor Thomas waar steeds het thema is: de twee één maken. Dat is een andere keus dan die van het boeddhisme, advaita vedanta en Plato. Die keus kan niet gerechtvaardigd worden door iets in het gegevene omdat er in het gegevene daarvoor geen rechtvaardiging aanwezig is. Die keus had ik zelf allang gemaakt, en ik heb die tot mijn verrassing teruggevonden in het Thomas-evangelie.
Mijn artikel over Plato vind je hier. Ik zou het fijn vinden als je dat zou willen lezen. Onze westerse cultuur is helemaal niet christelijk, christelijk in de zin van navolging van Jezus. Onze cultuur is doordrenkt van Plato, zelfs voor mensen die zich atheïst noemen. Daar wil ik vanaf, van dat platoonse dualisme van materie en geest.
Ik wil terug naar de oorspronkelijke boodschap van Jezus: liefde en eenheid, kenmerken van de mystieke ervaring, integreren in het alledaagse bestaan. Dat betekent voor mij ook dat we eindelijk eens onszelf als westerse cultuur dienen te verlossen van de betovering door Plato, met zijn minachting van de materiële werkelijkheid en zijn vluchtweg naar een transcendente, zogenaamd geestelijke werkelijkheid, die niet meer is dan een product van zijn verbeelding, een fantasie. Dat is pas illusie.



Hoi Bram,

Bedankt voor jouw reactie. Ik heb het artikel gelezen. Voor mij is materie ook geen synoniem van zondigheid of iets dat moet verworpen worden, maar is wel van een heel andere aard of substantie dan de geestziel of het ware zelf. Vergankelijkheid is naar mijn gevoel ook geen synoniem van minderwaardigheid.
Maar dat de fysieke materie vergankelijk is,daar kunnen we toch niet onderuit?
Het gaat er m.i om de materie te kennen ipv haar te bestrijden, te verwerpen of te ontkennen (wat ook binnen de gnostiek gebeurt).Zij is onontbeerlijk.

Ik refereer hieromtrent even naar Paulus waar hij in zijn brief aan Efeze 6 schrijft: "Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten."
En over datzelfde 'vlees' in 1 Kor 15 schrijft:
"Maar dit zeg ik, broeders, dat vlees en bloed het Koninkrijk van God niet kunnen beërven, en de vergankelijkheid beërft de onvergankelijkheid niet."

Ik weet niet hoe jij dit ziet, maar dit doet me terug denken aan de twee soorten kleren in het lied van de Parel. Het kleed waarmee de prins zich tooit in het vreemde land waardoor hij zijn opdracht vergeet en de koninklijke mantels die hij terug om zijn schouders krijgt nadat hij de Parel gevonden heeft.
Door het 'vergeten' van je oorspronkelijkheid word je gebonden aan een andere werkelijkheid . Dit vergeten is de dikke mist die de mens omhult(zoals Baudolino schrijft) waardoor het zicht beperkt wordt terwijl het landschap in zijn volheid steeds aanwezig is.
De mystieke ervaring kan niet op zichzelf staan of zich buiten de mens afspelen, maar is deel van hem; en naarmate zij meer en meer realiteit wordt in hem, wordt hij ook Dàt. Zo worden de twee EEN.
Ik denk dat ik jou niet tegenspreek,maar het misschien anders belicht?
In elk geval was het prikkelend :)


Jezus zelf heeft nooit gezegd: Heb MIJ lief.
Maar: Heb uw naaste lief.

De valkuilen van het intellect:

www.youtube.com/watch?v=D8bkdLyeBLw


Hallo Marith en Bram, ik lees jullie gesprek nog eens na, en merk hoe na dit onderwerp mij is. Ik ervaar hoe essentieel het verschil is tussen het heilige buiten jezelf plaatsen, en scheiden van je aardse bestaan met dat erkennen als jezelf. Het verschil tussen het ware zien en het ware zijn. Tussen vervuld zijn en verwachtingen over een hogere entiteit (zijn/worden/mee in contact komen) koesteren. Bij het eerste is een spiegel nodig, bij het tweede een leidsman die je struikelend naar iets hogers leidt. Een mystieke eenheidservaring kan een spiegel zijn, en kan je ook hulpeloos maken, omdat je voor die ervaring simpelweg geen woorden hebt, omdat er niets te interpreteren is, er is. Mijn brein is een soort traag werkende fabriek als het gaat om het verwerken van onbekende grondstoffen. En gaat tegenwerken. De manier waarop ik de laatste maanden naar de wereld heb gekeken, getuigt van een mokkend, tegenwerkend brein. Mijn denkraam is duaal, en de wereld om mij heen voedt mij daar in op door overal, grof of subtiel niet de diversiteit te vieren maar deze te zien als een strijd, een proces, tegenpolen die niet verenigen maar elkaar opvreten, en niet als een gegeven. Daar ben ik ontvankelijk voor, vooral omdat mijn brein niet beter weet. Hoewel ik ook steeds vaker in staat ben om de wereld om mij heen te ervaren als één in diversiteit. Het heeft even gekost om door het lege ballonnetje met de titel "Tolerantie" heen te prikken, als een term die nadruk legt op afgescheidenheid. Dat daarbij een door de PKN gecoördineerde interreligieuze roze viering een zet gaf, geeft mij aan dat er overal mensen zijn die een leer integreren in hun bestaan. En dat ik vaak het omgekeerde doe: mijn bestaan laten integreren in een bepaalde leer. Het Lied van de Parel is als een mantra, het wordt steeds weer herhaald. Ik hul mij gretig in de mij aangereikte mantel, totdat ik mijn eigen bestaan erken.



Licht

In het licht zie ik mezelf.
In het licht zie ik mijn naaste.

Zien is liefhebben.

Peter van de Goolberg


 


Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.
Om spam te voorkomen worden berichten met http:// geweigerd.


Naam:
E-mail:
Reactie: