De Geheime Woorden

Toelichting bij het Thomas Evangelie

Bram Moerland

Spring direct naar logion of naar het volgende logion »


Leegte en verlangen

38

Jezus zei:
Vaak heb je ernaar verlangd deze woorden te horen die ik je zeg,
en je hebt niemand anders van wie je ze kunt horen.
Er zullen dagen komen dat je naar me zult zoeken
en me niet vinden.

 

'Wat heeft hij het weer mooi gezegd', zullen de leerlingen denken na het vorige logion. 'Ja, ja, je moet helemaal naakt worden', zullen ze hoofdknikkend tegen elkaar zeggen, de woorden van Jezus beamend.
Maar Jezus weet dat ze het niet echt verstaan hebben. Ze hebben de woorden gehoord, ze praten die na, en ze menen dat het napraten de vervulling is van hun verlangen.
Want natuurlijk is er een verlangen in de leerlingen van Jezus. Het is het verlangen naar de bewustwording van het diepe innerlijke weten in zichzelf.
Maar dat verlangen laat zich niet misleiden. Er zal een moment komen dat de leerlingen zullen inzien, elk voor zich, dat de woorden die ze nu zo vaardig napraten leeg zijn, niets voorstellen, zolang het alleen maar woorden zijn en dat het napraten van woorden nog geen bewustwording is.
Dat inzicht zal een onvermijdelijk gevoel van grote leegte oproepen. Dat gevoel van leegte is de voorbode van de naaktheid die in het vorige logion werd besproken.
Maar zolang ze die leegte nog ervaren als een tekort, als een mislukking van hun verlangen, zullen ze de Christus in zichzelf niet kunnen ervaren.
En dan? Hebben ze dan de moed om die leegte binnen te gaan, en juist daar te blijven zoeken? Of gaan ze op zoek naar nog weer andere toverwoorden om te proberen aan die leegte in zichzelf te ontkomen? Misschien worden ze wel heel knappe schriftgeleerden, zoals in het volgende logion.


De vertaling en toelichting van Bram Moerland bij het Thomas-evangelie is ook uitgegeven in boekvorm. Wil je dat boek bestellen? Je vindt de gegevens hier.


 


Parallellen

Thomas 24
Thomas 92

Bijbel

Spreuken 1:28
Dan zul je me roepen, maar ik antwoord niet,
je zult me zoeken, maar je vindt me niet.

Hosea 5:6
Als ze dan met hun schapen, geiten en runderen op weg gaan om de HEER te zoeken, zullen ze hem niet vinden: hij zal zich voor hen verborgen houden.

Amos 8:12
Het volk zal zwerven van de ene zee naar de andere, en dwalen van het noorden naar het oosten om de woorden van de HEER te zoeken, maar ze zullen die niet vinden.

Matteüs 13:17
Want ik verzeker jullie: vele profeten en rechtvaardigen hebben ernaar verlangd te zien wat jullie zien, maar ze kregen het niet te zien, en te horen wat jullie horen, maar ze kregen het niet te horen.

Matteüs 9:15
Jezus antwoordde: ‘Bruiloftsgasten kunnen toch niet treuren zolang de bruidegom bij hen is? Maar er komt een dag dat de bruidegom bij hen wordt weggehaald, dan zullen ze vasten.

Matteüs 16:16
‘U bent de messias, de Zoon van de levende God,’ antwoordde Simon Petrus

Marcus 2:20
Maar er komt een dag dat de bruidegom bij hen wordt weggehaald, en dan is het hun tijd om te vasten.

Lucas 5:35
Maar er komt een dag dat de bruidegom bij hen wordt weggehaald, en dan is het hun tijd om te vasten.’

Lucas 21:6
‘Wat jullie hier zien – er zullen dagen komen waarop geen steen op de andere zal blijven; alles zal worden afgebroken.’

Lucas 10:24
Want ik zeg jullie dat vele profeten en koningen hebben willen zien wat jullie zien, maar ze kregen het niet te zien, en hebben willen horen wat jullie horen, maar ze kregen het niet te horen.’

Lucas 17:22
Tegen de leerlingen zei hij: ‘Er komt een tijd dat jullie ernaar zullen verlangen een van de dagen van de Mensenzoon te zien, maar jullie zullen die dag niet meemaken.

Johannes 3:2
Hij kwam in de nacht naar Jezus toe. ‘Rabbi,’ zei hij, ‘wij weten dat u een leraar bent die van God gekomen is, want alleen met Gods hulp kan iemand de wondertekenen doen die u verricht.’

Johannes 7:34-36
U zult me zoeken maar me niet vinden; u zult niet kunnen komen waar ik ben.’ 35 Toen zeiden de Joden tegen elkaar: ‘Waar gaat hij dan naartoe, dat wij hem niet kunnen vinden? Hij zal toch niet naar de Griekse diaspora gaan om de Grieken onderricht te geven? 36 Wat bedoelde hij dan toen hij zei: “U zult me zoeken maar me niet vinden; u zult niet kunnen komen waar ik ben”?’

Johannes 8:21
Hij nam opnieuw het woord en zei: ‘Ik ga weg, en u zult me zoeken. Maar u zult in uw zonde sterven. Waar ik naartoe ga, daar kunt u niet komen.’

Johannes 13:33
Kinderen, ik blijf nog maar een korte tijd bij jullie. Jullie zullen me zoeken, maar wat ik tegen de Joden gezegd heb, zeg ik nu ook tegen jullie: “Waar ik heen ga, daar kunnen jullie niet komen.”

Johannes 14:22
Toen vroeg Judas (niet Judas Iskariot) aan Jezus: ‘Waarom zult u zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekendmaken, Heer?’

Apocrief
Handelingen van Johannes 98

Nag Hammadi geschriften
N.H. III.5 143.82

Kerkvaders en hun tijdgenoten
Irenaeus, Adversus Haeresis I.20.2
Epiphanius van Salamis, Panarion 34.18.13
Clement van Alexandrië, Stromata III 13.92..2

 


Reacties (3)

Wat jammer dat ik dit logion, en dan vooral de toelichting van Bram, nu pas mag lezen. Jaren ben ik met angst in mijn hart om de leegte heengelopen, durfde het nooit recht in de ogen te kijken. Maar het bleef me achtervolgen, nooit werd ik met rust gelaten.
Tot ik niet zo lang geleden deze "holle" leegte voor het eerst innig heb omhelst. Dit was een angstaanjagend mooie beleving, waarbij deze leegte zoiets als een geliefde werd. Hoe moet ik het zeggen...
Daarna is deze leegte voorgoed (voel ik intuitief) weggebleven, hoezeer ik er daarna ineens naar terugverlangde.
Zo'n beleving lijkt dus eenmalig te zijn, en nu mag ik blijkbaar verder.
Had ik dit maar eerder geweten, dan had ik me heel veel bespaard.
Al was het wel puur, om daar zelf, zonder welke kennis, op natuurlijke wijze achter te komen.


Ook hier gaat het om de weg binnendoor. Om jouw ervaring. Je kunt vol verwondering steeds genieten van mooie antwoorden en die ander napraten. Maar dan is het nog niet je eigen ervaring. Dan heb je het je nog niet eigengemaakt. Napraten van een ander is nog geen eigen bewustwording. En als je steeds die antwoorden van die ander nodig hebt en die is even (in jouw levenssituatie) niet beschikbaar, dan sta je met lege handen.
Je hebt de woorden wel gehoord. Maar heb je ze ook verstaan? Want dan is het duidelijk geworden en ben je niet van de ander afhankelijk.


De leegte is het ontbreken van de Gnosis, het begrip.
Jezus kan de Gnosis niet begrijpelijk uitleggen juist omdat het een zelfrealiseren betreft en geen kennis. (Hij die oren heeft om te horen, hij hore)
Zoek de bron niet in de stilte, niet in de rust, maar in het licht want daar ligt de oorsprong.
Wie de Gnosis in zich ontdekt zal de dood niet smaken want de terugkeer tot de oorsprong zal geen stervenservaring zijn, maar een geboorte.


 


Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.
Om spam te voorkomen worden berichten met http:// geweigerd.


Naam:
E-mail:
Reactie: